HOOFDSTUK 7

Volgend-bestaansobserveren

en het ontmoeten

van de mensenpopulaties

in de wereldsteden

op zoek naar wat mensenpopulaties zijn

 ZOÖLOGIEPRACTICUM 4

Hoofdstuk 7 (‘ontmoetend’ practicum 4)

De voorgaande hoofdstukken (2 t/m 6) vormen een inleiding tot het observeren van de mensenpopulaties. Dit doende zal zichtbaar worden dat de hersenen tot extreme ontwikkeling is gekomen, waardoor de competenties een kwaliteit verkrijgen die opeengepakt leven in de wereldsteden mogelijk maakt. Er kan bij de besproken populaties vergaand beherend en -inrichtend handelen gezien worden, t.b.v. het compact samen kunnen leven in steden. Dit laatste vergt zelfdwangen die kunnen leiden tot enige verandering van de persoonlijkheidsstructuur bij de mens. In onze eigen grote steden (Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht) maken de observerende jonge mensen zelf het leven in ‘compacte’ omstandigheden mee. Zij groeien op in die compactheid en worden opgevoed tot en gedwongen in de zelfdwangen (Elias, 1939). Door het in het voorgaande opgebouwde biologisch denken kunnen zij hun families zien in hun werkelijke fysieke aard. En kunnen zij zelf vanuit het Aspecten-Schema zichzelf observeren.

Zeer inzichtverrijkend is het om het observeren voort te zetten in de grote steden van de andere continenten met populaties met een andere historische ontwikkeling.

Clik hier om het hele hoodstuk te lezen

Hoofdstuk 8